zondag 28 september 2025

INLEIDING

Inleiding



 In mijn blog “Reis door de Dimensies”, waarin ik mijn ervaringen en lessen vanuit een hogere staat van bewustzijn probeerde te verwoorden, voelde ik de roep om een nieuwe vorm te scheppen. Daar schreef ik vaak vanuit het perspectief van non-dualisme – een diepgaand en soms lastig te volgen gedachtegoed, dat niet altijd eenvoudig in woorden te vatten is. Voor sommigen bleek de taal van die reis eerder een doolhof dan een kompas.


Daarom besloot ik een ander pad te bewandelen. Vanuit een zachte por, bijna een liefdevolle aanmoediging, ontstond dit nieuwe project: “Weven en Scheppen vanuit Liefde.” Hierin wil ik dezelfde bron van inzichten en ervaringen delen, maar op een meer toegankelijke, poëtische wijze. Sommige lessen die ik destijds ontving, maar nooit volledig heb uitgewerkt, vinden hier alsnog hun plek.


De stijl zal anders zijn – lichter, meer vloeiend, misschien zelfs wat dromerig – maar de essentie blijft dezelfde: mijn zoektocht naar wijsheid, gedragen door liefde.


Dit boek/blog is mijn persoonlijke weefwerk van ervaringen en inzichten. Het is geen waarheid die je moet aannemen, maar een uitnodiging om te voelen of er iets in resoneert met jouw hart. Blijf kritisch, stel vragen, onderzoek. En wie weet ontdek je, tussen de woorden door, ook iets van je eigen innerlijke reis.





HOOFDSTUK 1- HET ONTWAKEN VAN HET INNERLIJK OOG

 Hoofdstuk 1 – Het Ontwaken van het Innerlijk Oog



Er was een tijd waarin mijn werkelijkheid begrensd leek door muren van steen en de horizon van de aarde. Mijn dagen werden gevuld met de herhaling van gewoonten, mijn nachten met de onrust van dromen die ik niet begreep. Toch voelde ik diep vanbinnen een fluistering, een herinnering die ouder leek dan mijn eigen leven: er is meer dan dit.


Die fluistering groeide uit tot een honger. Ik begon te zoeken in boeken die spraken over zielservaringen, over oude mystieke tradities, over reizigers die zonder vleugels de hemel hadden betreden. Maar geen enkel woord, hoe wijs ook, kon mij de ervaring schenken die ik zocht.


De omslag kwam niet door kennis uit de buitenwereld, maar door een stille ontmoeting met mijzelf. Op een nacht zat ik in meditatie. Mijn adem werd traag, mijn hartslag klopte als een verre trom. Ik liet de gedachten komen en gaan, tot ze wegsmolten in een oceaan van stilte. En toen gebeurde het: ik voelde hoe mijn lichaam zwaar bleef liggen, terwijl iets in mij – licht, trillend, helder – zich verhief als een nevel uit een meer.


Ik zweefde, zonder gewicht, zonder grenzen. Eerst boven mijn eigen lichaam, waar ik mijzelf vredig zag rusten. Daarna verder, door lagen van stilte en ruimte die niet in aardse woorden te vangen zijn. Het was mijn eerste bewuste stap buiten de derde dimensie, een geboorte in het onzichtbare.


Daar, in die ruimte die geen ruimte is, werd ik opgevangen door een aanwezigheid die zowel licht als stem was. Geen engel, geen mens, maar een bewustzijn dat groter was dan het mijne. Het sprak zonder woorden, en toch begreep ik het. Ze of hij stelde zich voor als Alena:


"Je bent niet gekomen om te vluchten van de aarde, maar om te leren. Iedere reis buiten je lichaam zal je een spiegel tonen. Iedere dimensie zal een les zijn over wie jij werkelijk bent."


Met die boodschap begon mijn pad. Ik wist dat dit nog maar de eerste stap was in een reeks van twintig ontmoetingen – twintig dimensies, twintig spiegels van mijn ziel. Elk zou mij confronteren met mijn eigen vergissingen, mijn angsten en verlangens, maar ook met het licht dat altijd in mij verborgen lag.


En zo begon mijn reis.





HOOFDSTUK 2- DE SPIEGEL VAN ANGST

 Hoofdstuk 2

De Spiegel van angst



De tweede reis begon met een trilling die mij optilde alsof ik gedragen werd door onzichtbare vleugels. Ik gleed los van de aarde, maar ditmaal voelde de ruimte zwaarder, dichter, bijna stroperig. Alsof ik door een sluier van mist werd geleid die elke adem vertraagde.

Voor mij ontvouwde zich een landschap dat vreemd vertrouwd was: donkere valleien, schaduwen die leken te bewegen, en ogen die vanuit de leegte naar mij keken. Het was geen hel, geen fysieke plaats, maar een weefsel van mijn eigen innerlijke angsten die gestalte hadden gekregen.

Eerst zag ik kleine vormen – schimmen die fluisterden. Hun stemmen waren niet nieuw. Ze droegen de woorden die ik in mijn leven zo vaak in stilte gehoord had: je bent niet goed genoeg… je zult falen… je bent alleen. Toen ik hen probeerde te ontwijken, groeiden ze, namen ze lichamen aan van monsters die zich oprichtten tegen mijn wezen.

Ik voelde mijn hart versnellen. Instinctief wilde ik wegvluchten, maar mijn bewegingen trokken mij dieper de mist in. Hoe harder ik weerstand bood, hoe groter de vormen werden, totdat ze als torens van angst boven mij uitrezen.

En toen besefte ik het: ik vocht niet tegen wezens buiten mij, maar tegen spiegels van mijn eigen innerlijk. Elke schaduw was een fragment van mijzelf dat ik had verdrongen, elke fluistering een gedachte die ik had genegeerd.

Ik liet mijn verzet los en bleef staan in de draaikolk van angst. In stilte zei ik: Ik zie jullie. Jullie zijn deel van mij. Ik luister.

Op dat moment veranderde alles. De monsters losten op, hun scherpe vormen smolten terug tot zachte nevels. Waar eerst dreiging was, ontstond ruimte. Ik voelde hoe mijn eigen angst, eenmaal erkend, kracht verloor en zelfs wijsheid openbaarde.

Een stem, de stem van Alena, maar diep uit mijn eigen hart, sprak helder:"Angst is niet je vijand. Angst is een poort. Ze laat je zien waar jij jezelf klein houdt. Kijk erin, en je zult groter worden dan de schaduw die je vreest."

Toen ik mijn ogen – of wat ik in die dimensie ogen kon noemen – weer opende, was het landschap niet langer donker. Het licht brak door de mist, en ik zweefde terug met een nieuw inzicht: dat de muren van angst die mij mijn hele leven hadden beperkt, in feite deuren waren.

En ik wist: dit was nog maar het begin.


Toen ik terugkeerde in mijn lichaam, voelde ik mijn hart nog kloppen in de echo van die reis. Angst was altijd een last geweest, een vijand die ik probeerde te overwinnen of te vermijden. Maar daar, in die dimensie, zag ik haar ware gezicht: ze is een boodschapper, een gids. Iedere keer dat ik angst voel, wijst ze naar een grens die ik zelf getrokken heb.

Ik begrijp nu dat mijn groei niet ligt in het bevechten van angst, maar in het openen van de deur die zij bewaakt. Achter elke angst ligt een stukje vrijheid dat op mij wacht.





HOOFDSTUK 3-HET LABYRINT VAN GEDACHTEN

 HOOFDSTUK 3

HET LABYRINT VAN GEDACHTEN




Mijn derde reis begon met een zweving die niet omhoog of omlaag ging, maar naar binnen. Alsof ik in een spiraal werd gezogen die mij steeds dieper trok. Er was geen mist, geen duisternis, maar een werveling van woorden, beelden en herinneringen die zich om mij heen begonnen te vormen.

Ik stond plotseling in een ruimte die leek op een eindeloos doolhof. De muren waren niet van steen, maar van licht en schaduw die voortdurend veranderden, gebouwd uit mijn eigen gedachten. Elke gedachte die ik had, verscheen onmiddellijk als een gang, een deur of een nieuwe splitsing.

Eerst verwonderde ik mij. Wanneer ik dacht aan een boom, rees er een groene gang vol bladeren omhoog. Wanneer ik mij iets herinnerde, verscheen er een deur die openging naar een scène uit mijn verleden. Maar al snel merkte ik dat ik gevangen raakte. Elke gedachte bracht een nieuwe weg, en hoe meer ik probeerde de uitweg te vinden, hoe meer gangen en kamers zich aaneen regen.

Het labyrint werd benauwend. Mijn geest produceerde beelden sneller dan ik kon bevatten. Twijfels veranderden in muren die mij de doorgang versperden. Oude overtuigingen vormden zware poorten die ik niet kon openen. Het was alsof mijn eigen geest mij omsloot in een steeds strakker web.

In paniek probeerde ik mijn gedachten te beheersen, maar hoe meer ik streed, hoe sterker de muren groeiden. Ik riep uit: Hoe kan ik ooit hieruit ontsnappen?

En toen kwam de stilte. Niet omdat mijn gedachten stopten, maar omdat ik ze voor het eerst alleen maar aanschouwde. Ik liet ze zijn, zonder in elke gang mee te lopen. Ik zag hoe een gedachte verscheen, vorm aannam, en daarna weer oploste. De muren verloren hun macht. Het labyrint bleek geen gevangenis te zijn, maar een spiegel: het toonde mij dat ik schepper ben van mijn ervaring.

De stem van mijn gids Alena fluisterde, zacht maar helder:
"De geest is een instrument. Laat het spelen, maar wees niet het instrument zelf. Jij bent de speler."

Ik stond midden in het labyrint en besefte dat er geen uitweg nodig was. De uitweg was mijn keuze om niet meer elk pad te volgen dat mijn gedachten aanboden. En terwijl ik dat besefte, loste het labyrint langzaam op in licht.


De les die ik leerde:

Gedachten zijn scheppend. Ze bouwen werelden, openen deuren en sluiten ze ook weer. Wanneer ik mij onbewust laat meevoeren, raak ik verstrikt in illusies. Maar wanneer ik met bewustzijn kijk, zie ik dat gedachten slechts golven zijn die komen en gaan. Ik ben niet het labyrint, ik ben de ruimte waarin het verschijnt.


Reflectie & praktische handvatten

Deze reis liet mij zien hoe gemakkelijk ik mij in mijn eigen gedachten kan verliezen. Vroeger dacht ik dat ik was wat ik dacht, dat elke gedachte waar moest zijn. Maar nu begrijp ik dat gedachten slechts mogelijkheden zijn, en dat ik kies welke ik voed.

Praktische handvatten die ik sindsdien gebruik:

1. Observeren zonder oordeel
Elke dag neem ik een paar minuten om mijn gedachten te volgen alsof ik naar wolken kijk. Ze komen en gaan, en ik leer ze te zien zonder erin te stappen.


2. De scheppende gedachte kiezen
Wanneer ik merk dat ik afdwaal in angst of twijfel, vraag ik mij af: Wat wil ik werkelijk creëren? Dan kies ik bewust een gedachte die mijn hart voedt in plaats van mijn angst.


3. Uit het cirkelen stappen
Als ik merk dat mijn geest in rondjes draait, adem ik diep en richt ik mijn aandacht op mijn lichaam – mijn voeten op de grond, mijn ademhaling. Het labyrint lost op zodra ik terugkeer naar het hier en nu.


Door deze oefeningen voel ik mij niet langer gevangene van mijn geest, maar meer en meer de meester van mijn binnenwereld.




HOOFDSTUK 4-DE RIVIER VAN HERINNERINGEN

 Hoofdstuk 4

De rivier van herinneringen


Toen mijn bewustzijn opnieuw loskwam van het lichaam, voelde ik mij niet langer omhooggestuwd of omlaaggetrokken. Deze keer was het alsof ik werd meegevoerd door een zachte stroom. Mijn wezen dreef, gewichtloos, en om mij heen ontvouwde zich een glinsterende rivier die door een eindeloos landschap kronkelde. Het water was niet van water gemaakt: het was vloeibaar licht, en elke golf droeg beelden, stemmen en gevoelens met zich mee.

Ik keek in de stroom en zag flarden van mijn jeugd. Het gezicht van mijn moeder die mij in slaap zong. Het ogenblik waarop ik voor het eerst verlies kende. Kleine herinneringen, ogenschijnlijk onbeduidend, maar die nu schitterden als juwelen in de rivier. Terwijl ik mij verder liet meedrijven, werden de beelden groter, ouder. Het waren geen herinneringen die ik zelf had meegemaakt. Ik zag mijn grootouders, en zelfs mensen die ik niet herkende, gekleed in kleren uit een ander tijdperk. Hun stemmen zongen als een echo in mij, alsof ik hen altijd had gekend.

Toen kwam de zwaarte. Ik voelde pijn die niet van mij leek te zijn, maar die door mijn aderen stroomde alsof hij mij toebehoorde. Angst, armoede, strijd – de lasten van generaties voor mij. Het besef sneed diep: dit alles draag ik mee, of ik mij er bewust van ben of niet. Ik wilde mij losmaken, het water afschudden, maar hoe meer ik mij verzette, hoe sterker de stroom mij vasthield.

Plotseling verscheen aan de oever een figuur van licht, stil en geduldig. Geen woorden kwamen uit hem, enkel een blik die mij uitnodigde. Hij wees naar de rivier, en ik begreep: vluchten is zinloos; de enige weg is kijken. Dus liet ik mijn verzet los en keek opnieuw.

Ik zag hoe de pijn van mijn voorouders ook hun moed droeg. Hun wanhoop had wijsheid voortgebracht, hun tekorten hadden mij leren verlangen naar overvloed. Ik voelde dat hun stemmen niet enkel last waren, maar ook kracht. Elke herinnering, ook de bittere, was een draad in het tapijt waaruit ik geweven ben.

Toen ik dit inzag, veranderde de rivier. De beelden bleven, maar hun zwaarte week. Het water van licht stroomde niet langer door mij heen als een keten, maar als een bron. De last die ik droeg, was tegelijk een erfenis die ik mocht transformeren.

En in de stilte hoorde ik de stem van mijn gids Alena:

"Je bent niet alleen een kind van je verleden, maar een wever van de toekomst. Wat jij geneest in jezelf, geneest in allen die met jou verbonden zijn."

De rivier vervaagde, en ik werd zachtjes teruggedragen naar de grens van mijn lichaam. Maar in mij stroomde nog steeds dat licht, dat diepe besef: herinneringen zijn geen gevangenis, maar sleutels.

De les die ik leerde:

Ik ontdekte dat herinneringen niet alleen persoonlijk zijn, maar collectief. In mij leven stemmen van generaties die mij voorgingen. Hun vreugde en hun pijn vormen mijn fundament. Wanneer ik mijn eigen wonden erken en genees, breng ik heling in een veel groter weefsel. Het verleden ketent mij niet, het nodigt mij uit tot transformatie.

Reflectie & praktische handvatten

Na deze reis kijk ik anders naar de verhalen die ik met mij meedraag. Wat ik vroeger zag als ballast, begrijp ik nu als boodschapper.

Praktische manieren om hiermee te werken:

1. Luisteren naar herinneringen

Wanneer een oude herinnering opkomt – aangenaam of pijnlijk – schrijf ik haar op zonder oordeel. Ik stel mezelf de vraag: Wat wil deze herinnering mij nu leren?

2. Voorouderlijke erkenning

Ik neem soms een moment om bewust aan mijn voorouders te denken, ook aan degenen die ik nooit heb gekend. Met gesloten ogen zeg ik zacht: Ik zie jullie, ik eer jullie, en ik draag jullie kracht met mij mee.

3. Transformeren in licht

Als een pijnlijke herinnering te zwaar voelt, stel ik mij voor hoe ik haar in de rivier leg. Ik zie hoe het water van licht haar omhult, verzacht en verandert in een stroom van kracht die terug naar mij vloeit.

Door deze eenvoudige handelingen ervaar ik dat ik niet vastzit in mijn verleden, maar er een levendige verbinding mee heb – een die mij de kans geeft om heling en groei door te geven aan alles en iedereen die na mij komt.





HOOFDSTUK 5- HET RIJK VAN KLANK

 Hoofdstuk 5

Het rijk van klank



Toen ik mijn ogen sloot en opnieuw de grens van mijn lichaam overschreed, merkte ik dat er geen duisternis of licht was dat mij verwelkomde. Er was enkel een toon. Eerst zacht, nauwelijks hoorbaar, maar al snel zo intens dat hij mijn hele wezen doordrong. Het was alsof ik zelf uit geluid was opgebouwd, elke vezel een snaar die meetrilde.

De dimensie om mij heen ontstond niet uit vormen, maar uit klanken. Waar op aarde muren en landschappen verschijnen, rees hier een wereld uit vibraties. Een diepe basgolf werd een berg. Een zachte fluittoon ontvouwde zich als een rivier. Iedere klank bracht beweging, en iedere beweging was harmonie.

Ik zweefde door deze wereld en voelde hoe elke gedachte een trilling voortbracht die zich onmiddellijk voegde bij de symfonie. Wanneer ik vrede voelde, klonk een helder akkoord dat in de ruimte danste. Wanneer ik twijfel toeliet, klonk een scherpe toon die wankelde en de harmonie verstoorde.

Plots hoorde ik een koor van stemmen, niet menselijk, maar zuiver en oneindig. Ze zongen niet in woorden, maar in frequenties die rechtstreeks in mijn hart resoneerden. Ik wilde meedoen, maar mijn stem stokte. Ik hoorde hoe mijn klanken vals klonken, hoe mijn innerlijke disharmonie de melodie brak.

Een moment van schaamte overspoelde mij. Maar toen gebeurde er iets onverwachts: de andere klanken weken niet terug. Ze verhieven zich juist, omhulden mijn dissonantie en leidden haar zachtjes terug naar harmonie. Ik besefte dat dit rijk geen oordeel kende. Hier was elk geluid welkom, elk vals akkoord slechts een uitnodiging om terug te keren naar resonantie.

Ik sloot mijn ogen en liet mijn hart zingen, zonder te denken aan goed of fout. Wat er toen uit mij klonk, was geen lied zoals ik kende, maar een trilling die mijn hele wezen vulde. Voor het eerst voelde ik wat het betekent om in harmonie te zijn – niet omdat ik perfect was, maar omdat ik deel uitmaakte van een groter geheel.

En toen sprak de klank zelf tot mij, niet in woorden, maar in resonantie:

"Harmonie ontstaat niet uit afwezigheid van fouten, maar uit het omarmen van elke toon tot een geheel."

Het rijk loste langzaam op, maar de trilling bleef nazinderen in mij, als een belofte.

De les die ik leerde:

Klank liet mij zien dat alles in het universum trilling is. Iedere gedachte, ieder gevoel en elke handeling heeft een toon die meereist in de symfonie van het bestaan. Wanneer ik oordeel, verstoor ik mijn eigen melodie. Wanneer ik aanvaard, word ik deel van een harmonie die groter is dan ikzelf.

Reflectie & praktische handvatten

Sinds deze reis luister ik anders. Niet alleen met mijn oren, maar met mijn hele wezen. Ik begrijp dat ieder geluid – zelfs stilte – een spiegel is van energie.

Praktische manieren om dit te oefenen:


1. Luisteren naar stilte

Neem dagelijks een moment om in stilte te zitten. Let op de subtiele geluiden die altijd aanwezig zijn – je ademhaling, het geruis om je heen. Ervaar dat stilte niet leeg is, maar vol vibratie.


2. Bewust klank geven

Hummm of zing een eenvoudige toon, zonder oordeel. Voel hoe de trilling je lichaam vult. Het maakt niet uit of het ‘mooi’ klinkt; het gaat om het resoneren met jezelf.


3. Relaties als muziek

Let in gesprekken op de ‘toon’ van woorden – niet alleen wat er gezegd wordt, maar hoe het klinkt. Vraag jezelf af: breng ik harmonie of disharmonie in dit moment?


Door deze eenvoudige oefeningen voel ik dat ik zelf een instrument ben, en dat ik kan kiezen hoe ik meespeel in het grote orkest van het leven.




4

HOOFDSTUK 6- DE STAD VAN MASKERS

 HOOFDSTUK 6

De stad van maskers


Mijn reis bracht mij ditmaal naar een plek die in eerste instantie bijna sprookjesachtig leek. Ik zweefde neer in een stad die glansde van licht en kleur. Overal waar ik keek, zag ik mensen – of beter gezegd: wezens – die zich sierlijk voortbewogen. Hun gezichten waren verborgen achter schitterende maskers van goud, kristal en zijde.

De straten waren gevuld met muziek en gelach. Maar terwijl ik keek, merkte ik dat geen enkel masker hetzelfde bleef. Steeds opnieuw wisselden de gedaanten. Een lachend gezicht veranderde plotseling in een droevige uitdrukking. Een vriendelijk masker werd vervangen door een streng of afstandelijk gezicht. Niemand toonde ooit zijn ware gelaat.

Ik liep door de stad en voelde een vreemde spanning in mijzelf. Ook ik kreeg een masker aangereikt. Het leek licht als een veer, maar zodra ik het opzette, voelde ik hoe het mij bedekte. Ik zag mensen naar mij glimlachen, applaudisseren voor het masker dat ik droeg. Hun erkenning gaf mij een kortstondige warmte.

Maar diep vanbinnen voelde ik de kilte. Want terwijl ik mij achter mijn masker verborg, wist ik dat niemand míj zag. Ik wilde het afzetten, maar merkte dat het kleefde aan mijn huid, alsof het deel van mij was geworden.

Ik voelde even een moment van paniek. Hoeveel van mijn leven had ik al achter maskers geleefd? Rollen gespeeld om erbij te horen, om liefde te verdienen, om niet afgewezen te worden? Zoekend naar erkenning. De stad werd plots verstikkend. Iedereen glimlachte, maar niemand ontmoette ooit de ogen van de ander.

Toen verscheen er een wezen zonder masker. Zijn gezicht was eenvoudig, bijna doorschijnend, maar zijn blik was puur en krachtig. Hij liep door de straten en waar hij kwam, vielen de maskers van de mensen af. Sommigen huilden, anderen lachten, sommigen sloegen de ogen neer in schaamte. Maar bij allen verscheen er een helderheid die ik eerder niet had gezien.

Hij keek mij aan en zei:

"Maskers beschermen, maar ze isoleren ook. Jij kiest of je gezien wilt worden in je echtheid, of bewonderd in een illusie."

Ik haalde-een beetje wantrouwig-mijn masker van mijn gezicht. Ik voelde mij naakt, kwetsbaar, maar tegelijk vrijer dan ooit. En in dat moment herkende ik dat niemand ooit mijn liefde kon ontvangen zolang ik verstopt bleef.

De stad vervaagde, en ik keerde terug met een nieuw voornemen: nooit meer mijn masker laten bepalen wie ik ben.

De les

De Stad van Maskers leerde mij dat echtheid krachtiger is dan welke rol ook. Maskers bieden bescherming, maar verhinderen echte verbinding. Ware vrijheid ontstaat wanneer ik durf te verschijnen zoals ik werkelijk ben.

Reflectie & praktische handvatten

Sinds deze reis zie ik mijn eigen ‘maskers’ scherper. De glimlach die ik soms draag om pijn te verbergen. De rol van zekerheid die ik speel terwijl ik twijfel voel. Ik begrijp nu dat deze façades mij isoleren, hoe mooi ze ook lijken.

Praktische manieren om met maskers te werken:

1. Herkennen van je maskers

Vraag jezelf in sociale situaties: Wie laat ik nu zien? Ben ik dit echt, of speel ik een rol?

2. Kleine momenten van echtheid

Deel in een gesprek iets kleins dat echt is – een eerlijk gevoel of gedachte. Eerlijkheid opent vaak de deur voor echte verbinding.

3. De spiegel-oefening

Kijk dagelijks enkele minuten in de spiegel zonder uitdrukking, zonder rol. Zie je eigen ogen en zeg zacht: Dit ben ik, zonder masker.


Door deze eenvoudige stappen leer ik mijn rollen losser te dragen en steeds vaker mijn ware gezicht te laten zien.




INLEIDING

Inleiding  In mijn blog “Reis door de Dimensies”, waarin ik mijn ervaringen en lessen vanuit een hogere staat van bewustzijn probeerde te ve...